Waarom een nieuwsbrief van de Stichting Stop
Geluidhinder Maartensdijk? Om onze donateurs en belangstellenden te informeren
wat er gebeurt rond de SSGM die u ondersteunt. Informatie waarop u recht heeft
en die wij met een zekere regelmaat aan u zullen verstrekken.
Het lijkt rustig op het gebied van overlast door
mobiliteit, maar schijn bedriegt:
De gemeentelijke herindeling heeft zeker
vertragend gewerkt en op verschillende werkterreinen geleid tot
volledige stilstand van ontwikkelingen die net in gang waren gezet,
zoals een gemeentelijk geluidshinderbeleid. In de oude gemeente Maartensdijk
was het begrip mobiliteitshinder een bekend fenomeen dat in en rond het
gemeentehuis duidelijk waarneembaar was: het lawaai van de A27, het spoor, de
Tolakkerweg, de files op de Dorpsweg in de spits en het vliegverkeer van
Schiphol. In De Bilt is dat anders. Bestuurders en ambtenaren huizen in een zee
van rust in 't groen rond Jachtlust. Zij kennen de problematiek van de
voormalige gemeente Maartensdijk onvoldoende. Vandaar dat de SSGM nadrukkelijk
contact heeft gezocht met hen (zie elders in deze nieuwsbrief) en onder meer de
resultaten van tal van onderzoeken heeft voorgelegd. Wij hopen dat na het
jarenlange gepraat en na alle plannenmakerij nu de tijd aanbreekt van concrete
maatregelen. Aan de SSGM zal het niet liggen.
Frits Jansen,
voorzitter SSGM
Zoals
u weet worden er al sinds de aanleg van de A 27 in 1972 activiteiten ontplooid om de overlast die
deze rijksweg veroorzaakt te bestrijden. In juli 1999 werd de SSGM opgericht om
deze overlast op structurele wijze aan te pakken. Doel is het aanbrengen van
nieuwe en het vervangen van de huidige, ontoereikende en veelal versleten
geluidsschermen.
Bestuursleden
en adviseurs hebben in nauwe samenwerking met de Gemeente Maartensdijk gewerkt
aan het verwerven van expertise ten aanzien van de gecompliceerde regelgeving
op het gebied van geluidsoverlast en de bestrijding van deze overlast. Vlak
voordat de gemeentelijke samenvoeging plaats vond op 1 januari j.l. heeft de
Gemeente Maartensdijk in haar testament twee zaken met betrekking tot
geluidsoverlast opgenomen:
·
Als
uitgangspunt voor een toekomstig lokaal geluidshinderbeleid wordt de
saneringswaarde van 55 dB(A) genomen. Het gaat hierbij om het geluidsniveau bij
huizen die dichtbij A27 en spoorlijn liggen;
Over
geluidswerende maatregelen (zoals geluidswallen) deed de gemeente Maartensdijk
geen uitspraak. Het verzoek van de SSGM om een bedrag van 25 miljoen gulden te
reserveren als voorfinanciering van de toekomstige aanleg van geluidswallen
werd helaas niet overgenomen.
Na de samenvoeging hebben we hard gewerkt aan het tot stand brengen van nauwe banden met burgemeester, wethouders en ambtenaren van de nieuwe gemeente. Inmiddels zijn de contacten dusdanig dat de Gemeente De Bilt een beroep doet op de expertise van onze stichting. De Bilt heeft inmiddels gesprekken gevoerd met de provincie Utrecht over het beperken van de geluidsoverlast van de A27. Intussen heeft de SSGM zelf ook contact gezocht met diverse instanties (zoals de milieudiensten van de provincie Utrecht), deskundigen en adviseurs (bijvoorbeeld het Bureau Sanering Verkeerslawaai uit Woerden) om haar kennis bij te stellen en aan te vullen aan de hand van de laatste ontwikkelingen, om op deze manier een volwaardig gesprekspartner te zijn en te blijven voor gemeente, provincie en Rijk.
Op
dit moment is het wachten op de gemeente De Bilt. De betrokken bestuurders en
ambtenaren hebben, op uitnodiging van de SSGM, een bezoek gebracht aan de door
geluidshinder getroffen gedeelten van Groenekan, Maartensdijk en Hollandsche
Rading. Zij hebben tot nu toe echter nog geen duidelijke koers bepaald inzake
de A27 en de geluidsschermen. Een overleg tussen de gemeente en
Rijkswaterstaat, de beheerder van de wegen en de schermen) is in voorbereiding.
Onze stichting zal waar nodig de gemeente De Bilt met informatie en kennis
ondersteunen.
We hopen u snel meer informatie te geven over
verdere ontwikkelingen.
SCHIPHOL: EEN
DREIGEND GEVAAR
We kunnen in deze eerste nieuwsbrief niet om
Schiphol heen. In juni verschenen alarmerende berichten in het Utrechts Nieuwsblad
over plannen om het luchtruim boven onze regio intensief te gaan gebruiken voor
vliegverkeer van en op weg naar Schiphol. Wat deze berichten vreemd genoeg niet
vermeldden, is het feit dat er op dit moment al straalvliegtuigen overkomen.
Met andere woorden: dat het probleem al bestaat. Velen van u zullen hebben
gemerkt dat de overlast van grote verkeerstoestellen die, afkomstig van
Schiphol, in oostelijke richting vliegen, langzaam maar zeker toeneemt. Af en
toe een Jumbo, op grote hoogte, daar schrik je niet van op. Zeker omdat het
geluid niet wezenlijk luider is dan het constante geraas van de A27, of de
motorvliegtuigjes van het vliegveld Hilversum. Maar als binnen relatief korte
tijd meerdere van deze grote kisten laag overkomen, is de overlast aanzienlijk.
Een en ander heeft te maken met de voorlopige openstelling van het luchtruim
boven de militaire basis Soesterberg. Hierdoor wordt het mogelijk dat Schiphol
bij piekbelasting en ongunstige windomstandigheden vertrekkende vliegtuigen pal
over onze regio stuurt.
De hierboven genoemde plannen van de Nederlandse
Luchtvaartautoriteit (NLA) en de Rijks Luchtvaart Dienst (RLD) komen neer op
een permanent gebruik door onze nationale luchthaven van het luchtruim boven
Soesterberg, De SSGM heeft het ministerie van Verkeer en Waterstaat benaderd
met de vraag: “Wat kunnen wij verwachten met betrekking tot de intensiteit van
het vliegverkeer als het luchtruim eenmaal is opengesteld?” Het antwoord luidde
als volgt:
“Nagenoeg hetzelfde beeld als nu, behoudens
algemene groei. Het naderend vliegverkeer zal zich waarschijnlijk iets in
zuidelijke richting verplaatsen. In algemene zin wordt er ook niet iets
substantieels veranderd in de afhandeling van de vliegtuigen, daarvoor is het
gebiedje te klein.”
Een geruststellende reactie, zo lijkt. Hoewel: wat betekent ‘algemene groei’
precies? En over welk ‘naderend’ (bedoeld wordt: dalend) verkeer heeft V&W
het precies? Immers: het overgrote deel van de toestellen die op dit moment
overkomen, stijgen en vliegen in oostelijke richting. Navraag bij de provincie
Utrecht leert dat men daar uiterst wantrouwend is. Beleidsambtenaar Susan
Kreuger meldde ons dat zij denkt dat het ministerie, teneinde Hilversum te
ontlasten, de koers van een deel van de vliegtuigen die daar overkomen en voor
veel klachten zorgen, in zuidelijke richting wil verplaatsen – in de richting
van de regio rond Maartensdijk, dus. En secretaris Van der Pluijm van de
Commissie Geluidshinder Schiphol – een door het ministerie in het leven
geroepen organisatie die onder meer klachten registreert - zei ons dat zij
verwacht dat V&W om de groei van
het vliegverkeer te kunnen opvangen, stijgende en dalende vliegtuigen, die nu
nog een route volgen iets ten noorden van Hilversum - over onze regio zal
‘spreiden’.
Op dit moment is de strijd in volle gang tussen
minister Netelenbos (en NLA en RLD) aan de ene, en de provincie Utrecht en een
aantal gemeenten in deze regio aan de andere kant. Zoals u onlangs kon lezen in
De Vierklank en de Bilt- en Bilthovense Krant willen provincie en gemeenten in
inspraakprocedures bereiken dat het ministerie haar plannen aanpast. Een
voorstel is het hanteren van minimale vlieghoogtes, bijvoorbeeld van 6000 voet
(2 kilometer) boven gebieden op 40 kilometer van Schiphol.
Er is echter nog een tweede ontwikkeling. Een
adviescommissie onder leiding van de Delftse hoogleraar Berkhout, evenals een
aantal politici, onder meer van Groen Links en D66, en milieuorganisaties,
denken dat de toenemende overlast van Schiphol alleen dan aan te pakken is als
in een groot gebied rond de luchthaven, waartoe onder meer onze regio behoort,
meetpunten worden geďnstalleerd.
Minister Netelenbos van V&W, die het
kabinetsstandpunt dat Schiphol moet kunnen groeien ‘binnen bestaande
milieugrenzen’ met hand en tand verdedigt, is hier echter op tegen. Zij vindt
een klein aantal meetpunten dichtbij Schiphol voldoende en heeft zelfs haar
eigen commissie-Berkhout gepasseerd. Haar critici doorzien de strategie van de
minister: als het aantal meetpunten beperkt in aantal blijft, kan de toenemende
overlast van vliegtuigen iets verder weg van Schiphol eenvoudigweg niet worden
gemeten en aangetoond. En wat je niet meten kunt, bestaat niet. Vandaar dat de
Utrechtse bestuurders hebben aangekondigd eventueel zelf meetpunten te plaatsen.